De of het boerenkraam?
Het boerenkraam
Is het de of het boerenkraam
In de Nederlandse taal gebruiken wij het boerenkraam.
Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: farmer stall
Jou of jouw: jouw boerenkraam
Buigings-e:
Mooi of mooie boerenkraam
Groot of grote boerenkraam
Half of halve boerenkraam
Grappig of grappige boerenkraam
Leeg of lege boerenkraam
leuk of leuke boerenkraam
Vet of vette boerenkraam
Snel of snelle boerenkraam
Wit of witte boerenkraam
Klein of kleine boerenkraam
Rood of rode boerenkraam
Dik of dikke boerenkraam
Oud of oude boerenkraam
Goed of goede boerenkraam
Wat rijmt er op boerenkraam
Elk of elke: Elk boerenkraam
Aanwijzend voornaamwoord: Dat boerenkraam
Bezittelijk voornaamwoord: Ons boerenkraam
Wat rijmt er op boerenkraam
Buigings-e:
Mooi of mooie boerenkraam
Groot of grote boerenkraam
Half of halve boerenkraam
Grappig of grappige boerenkraam
Leeg of lege boerenkraam
leuk of leuke boerenkraam
Vet of vette boerenkraam
Snel of snelle boerenkraam
Wit of witte boerenkraam
Klein of kleine boerenkraam
Rood of rode boerenkraam
Dik of dikke boerenkraam
Oud of oude boerenkraam
Goed of goede boerenkraam
Wat rijmt er op boerenkraam
Elk of elke: Elk boerenkraam
Aanwijzend voornaamwoord: Dat boerenkraam
Bezittelijk voornaamwoord: Ons boerenkraam
Wat rijmt er op boerenkraam
Oefening van de dag



