De of het depolariseren?
Het depolariseren
Is het de of het depolariseren
In de Nederlandse taal gebruiken wij het depolariseren.
Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: depolarise
Deutsch: depolarisieren | Bekijk of het der of die depolarisieren is.
Français: dépolariser | Bekijk of het Le o La dépolariser is.
Jou of jouw: jouw depolariseren
Buigings-e:
Mooi of mooie depolariseren
Groot of grote depolariseren
Half of halve depolariseren
Grappig of grappige depolariseren
Leeg of lege depolariseren
leuk of leuke depolariseren
Vet of vette depolariseren
Snel of snelle depolariseren
Wit of witte depolariseren
Klein of kleine depolariseren
Rood of rode depolariseren
Dik of dikke depolariseren
Oud of oude depolariseren
Goed of goede depolariseren
Wat rijmt er op depolariseren
Elk of elke: Elk depolariseren
Aanwijzend voornaamwoord: Dat depolariseren
Bezittelijk voornaamwoord: Ons depolariseren
Wat rijmt er op depolariseren
Buigings-e:
Mooi of mooie depolariseren
Groot of grote depolariseren
Half of halve depolariseren
Grappig of grappige depolariseren
Leeg of lege depolariseren
leuk of leuke depolariseren
Vet of vette depolariseren
Snel of snelle depolariseren
Wit of witte depolariseren
Klein of kleine depolariseren
Rood of rode depolariseren
Dik of dikke depolariseren
Oud of oude depolariseren
Goed of goede depolariseren
Wat rijmt er op depolariseren
Elk of elke: Elk depolariseren
Aanwijzend voornaamwoord: Dat depolariseren
Bezittelijk voornaamwoord: Ons depolariseren
Wat rijmt er op depolariseren
Oefening van de dag



