De of het dorpsleven?
Het dorpsleven
Is het de of het dorpsleven
In de Nederlandse taal gebruiken wij het dorpsleven.
Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: village life
Deutsch: dorfleben | Bekijk of het der of die dorfleben is.
Français: la vie du village | Bekijk of het Le o La la vie du village is.
Jou of jouw: jouw dorpsleven
Buigings-e:
Mooi of mooie dorpsleven
Groot of grote dorpsleven
Half of halve dorpsleven
Grappig of grappige dorpsleven
Leeg of lege dorpsleven
leuk of leuke dorpsleven
Vet of vette dorpsleven
Snel of snelle dorpsleven
Wit of witte dorpsleven
Klein of kleine dorpsleven
Rood of rode dorpsleven
Dik of dikke dorpsleven
Oud of oude dorpsleven
Goed of goede dorpsleven
Wat rijmt er op dorpsleven
Elk of elke: Elk dorpsleven
Aanwijzend voornaamwoord: Dat dorpsleven
Bezittelijk voornaamwoord: Ons dorpsleven
Wat rijmt er op dorpsleven
Buigings-e:
Mooi of mooie dorpsleven
Groot of grote dorpsleven
Half of halve dorpsleven
Grappig of grappige dorpsleven
Leeg of lege dorpsleven
leuk of leuke dorpsleven
Vet of vette dorpsleven
Snel of snelle dorpsleven
Wit of witte dorpsleven
Klein of kleine dorpsleven
Rood of rode dorpsleven
Dik of dikke dorpsleven
Oud of oude dorpsleven
Goed of goede dorpsleven
Wat rijmt er op dorpsleven
Elk of elke: Elk dorpsleven
Aanwijzend voornaamwoord: Dat dorpsleven
Bezittelijk voornaamwoord: Ons dorpsleven
Wat rijmt er op dorpsleven
Oefening van de dag



