De of het economiestudente?
De economiestudente
Is het de of het economiestudente
In de Nederlandse taal gebruiken wij de economiestudente.
Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: economics student
Deutsch: Wirtschaftsstudent | Bekijk of het der of die Wirtschaftsstudent is.
Français: étudiant en économie | Bekijk of het Le o La étudiant en économie is.
Jou of jouw: jouw economiestudente
Buigings-e:
Mooi of mooie economiestudente
Groot of grote economiestudente
Half of halve economiestudente
Grappig of grappige economiestudente
Leeg of lege economiestudente
leuk of leuke economiestudente
Vet of vette economiestudente
Snel of snelle economiestudente
Wit of witte economiestudente
Klein of kleine economiestudente
Rood of rode economiestudente
Dik of dikke economiestudente
Oud of oude economiestudente
Goed of goede economiestudente
Wat rijmt er op economiestudente
Elk of elke: Elke economiestudente
Aanwijzend voornaamwoord: Die economiestudente
Bezittelijk voornaamwoord: Onze economiestudente
Wat rijmt er op economiestudente
Buigings-e:
Mooi of mooie economiestudente
Groot of grote economiestudente
Half of halve economiestudente
Grappig of grappige economiestudente
Leeg of lege economiestudente
leuk of leuke economiestudente
Vet of vette economiestudente
Snel of snelle economiestudente
Wit of witte economiestudente
Klein of kleine economiestudente
Rood of rode economiestudente
Dik of dikke economiestudente
Oud of oude economiestudente
Goed of goede economiestudente
Wat rijmt er op economiestudente
Elk of elke: Elke economiestudente
Aanwijzend voornaamwoord: Die economiestudente
Bezittelijk voornaamwoord: Onze economiestudente
Wat rijmt er op economiestudente
Oefening van de dag



