De of het eenmaligheid?
De eenmaligheid
Is het de of het eenmaligheid
In de Nederlandse taal gebruiken wij de eenmaligheid.
Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: uniqueness
Deutsch: Einzigartigkeit | Bekijk of het der of die Einzigartigkeit is.
Français: unicité | Bekijk of het Le o La unicité is.
Jou of jouw: jouw eenmaligheid
Buigings-e:
Mooi of mooie eenmaligheid
Groot of grote eenmaligheid
Half of halve eenmaligheid
Grappig of grappige eenmaligheid
Leeg of lege eenmaligheid
leuk of leuke eenmaligheid
Vet of vette eenmaligheid
Snel of snelle eenmaligheid
Wit of witte eenmaligheid
Klein of kleine eenmaligheid
Rood of rode eenmaligheid
Dik of dikke eenmaligheid
Oud of oude eenmaligheid
Goed of goede eenmaligheid
Wat rijmt er op eenmaligheid
Elk of elke: Elke eenmaligheid
Aanwijzend voornaamwoord: Die eenmaligheid
Bezittelijk voornaamwoord: Onze eenmaligheid
Wat rijmt er op eenmaligheid
Buigings-e:
Mooi of mooie eenmaligheid
Groot of grote eenmaligheid
Half of halve eenmaligheid
Grappig of grappige eenmaligheid
Leeg of lege eenmaligheid
leuk of leuke eenmaligheid
Vet of vette eenmaligheid
Snel of snelle eenmaligheid
Wit of witte eenmaligheid
Klein of kleine eenmaligheid
Rood of rode eenmaligheid
Dik of dikke eenmaligheid
Oud of oude eenmaligheid
Goed of goede eenmaligheid
Wat rijmt er op eenmaligheid
Elk of elke: Elke eenmaligheid
Aanwijzend voornaamwoord: Die eenmaligheid
Bezittelijk voornaamwoord: Onze eenmaligheid
Wat rijmt er op eenmaligheid
Oefening van de dag



