De of het eilanddeel?
Het eilanddeel
Is het de of het eilanddeel
In de Nederlandse taal gebruiken wij het eilanddeel.
Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: island portion
Deutsch: Inselteil | Bekijk of het der of die Inselteil is.
Français: une partie de l'île | Bekijk of het Le o La une partie de l'île is.
Jou of jouw: jouw eilanddeel
Buigings-e:
Mooi of mooie eilanddeel
Groot of grote eilanddeel
Half of halve eilanddeel
Grappig of grappige eilanddeel
Leeg of lege eilanddeel
leuk of leuke eilanddeel
Vet of vette eilanddeel
Snel of snelle eilanddeel
Wit of witte eilanddeel
Klein of kleine eilanddeel
Rood of rode eilanddeel
Dik of dikke eilanddeel
Oud of oude eilanddeel
Goed of goede eilanddeel
Wat rijmt er op eilanddeel
Elk of elke: Elk eilanddeel
Aanwijzend voornaamwoord: Dat eilanddeel
Bezittelijk voornaamwoord: Ons eilanddeel
Wat rijmt er op eilanddeel
Buigings-e:
Mooi of mooie eilanddeel
Groot of grote eilanddeel
Half of halve eilanddeel
Grappig of grappige eilanddeel
Leeg of lege eilanddeel
leuk of leuke eilanddeel
Vet of vette eilanddeel
Snel of snelle eilanddeel
Wit of witte eilanddeel
Klein of kleine eilanddeel
Rood of rode eilanddeel
Dik of dikke eilanddeel
Oud of oude eilanddeel
Goed of goede eilanddeel
Wat rijmt er op eilanddeel
Elk of elke: Elk eilanddeel
Aanwijzend voornaamwoord: Dat eilanddeel
Bezittelijk voornaamwoord: Ons eilanddeel
Wat rijmt er op eilanddeel
Oefening van de dag



