De of het failleren?
Het failleren
Is het de of het failleren
In de Nederlandse taal gebruiken wij het failleren.
Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: bankrupt
Deutsch: bankrott | Bekijk of het der of die bankrott is.
Français: en faillite | Bekijk of het Le o La en faillite is.
Jou of jouw: jouw failleren
Buigings-e:
Mooi of mooie failleren
Groot of grote failleren
Half of halve failleren
Grappig of grappige failleren
Leeg of lege failleren
leuk of leuke failleren
Vet of vette failleren
Snel of snelle failleren
Wit of witte failleren
Klein of kleine failleren
Rood of rode failleren
Dik of dikke failleren
Oud of oude failleren
Goed of goede failleren
Wat rijmt er op failleren
Elk of elke: Elk failleren
Aanwijzend voornaamwoord: Dat failleren
Bezittelijk voornaamwoord: Ons failleren
Wat rijmt er op failleren
Buigings-e:
Mooi of mooie failleren
Groot of grote failleren
Half of halve failleren
Grappig of grappige failleren
Leeg of lege failleren
leuk of leuke failleren
Vet of vette failleren
Snel of snelle failleren
Wit of witte failleren
Klein of kleine failleren
Rood of rode failleren
Dik of dikke failleren
Oud of oude failleren
Goed of goede failleren
Wat rijmt er op failleren
Elk of elke: Elk failleren
Aanwijzend voornaamwoord: Dat failleren
Bezittelijk voornaamwoord: Ons failleren
Wat rijmt er op failleren
Oefening van de dag



