De of het gecschiedenis?
De gecschiedenis
Is het de of het gecschiedenis
In de Nederlandse taal gebruiken wij de gecschiedenis.
Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: gecschiedenis
Jou of jouw: jouw gecschiedenis
Buigings-e:
Mooi of mooie gecschiedenis
Groot of grote gecschiedenis
Half of halve gecschiedenis
Grappig of grappige gecschiedenis
Leeg of lege gecschiedenis
leuk of leuke gecschiedenis
Vet of vette gecschiedenis
Snel of snelle gecschiedenis
Wit of witte gecschiedenis
Klein of kleine gecschiedenis
Rood of rode gecschiedenis
Dik of dikke gecschiedenis
Oud of oude gecschiedenis
Goed of goede gecschiedenis
Wat rijmt er op gecschiedenis
Elk of elke: Elke gecschiedenis
Aanwijzend voornaamwoord: Die gecschiedenis
Bezittelijk voornaamwoord: Onze gecschiedenis
Wat rijmt er op gecschiedenis
Buigings-e:
Mooi of mooie gecschiedenis
Groot of grote gecschiedenis
Half of halve gecschiedenis
Grappig of grappige gecschiedenis
Leeg of lege gecschiedenis
leuk of leuke gecschiedenis
Vet of vette gecschiedenis
Snel of snelle gecschiedenis
Wit of witte gecschiedenis
Klein of kleine gecschiedenis
Rood of rode gecschiedenis
Dik of dikke gecschiedenis
Oud of oude gecschiedenis
Goed of goede gecschiedenis
Wat rijmt er op gecschiedenis
Elk of elke: Elke gecschiedenis
Aanwijzend voornaamwoord: Die gecschiedenis
Bezittelijk voornaamwoord: Onze gecschiedenis
Wat rijmt er op gecschiedenis
Oefening van de dag



