De of het handelspubliciteit?
De handelspubliciteit
Is het de of het handelspubliciteit
In de Nederlandse taal gebruiken wij de handelspubliciteit.
Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: commercial publicity
Jou of jouw: jouw handelspubliciteit
Buigings-e:
Mooi of mooie handelspubliciteit
Groot of grote handelspubliciteit
Half of halve handelspubliciteit
Grappig of grappige handelspubliciteit
Leeg of lege handelspubliciteit
leuk of leuke handelspubliciteit
Vet of vette handelspubliciteit
Snel of snelle handelspubliciteit
Wit of witte handelspubliciteit
Klein of kleine handelspubliciteit
Rood of rode handelspubliciteit
Dik of dikke handelspubliciteit
Oud of oude handelspubliciteit
Goed of goede handelspubliciteit
Wat rijmt er op handelspubliciteit
Elk of elke: Elke handelspubliciteit
Aanwijzend voornaamwoord: Die handelspubliciteit
Bezittelijk voornaamwoord: Onze handelspubliciteit
Wat rijmt er op handelspubliciteit
Buigings-e:
Mooi of mooie handelspubliciteit
Groot of grote handelspubliciteit
Half of halve handelspubliciteit
Grappig of grappige handelspubliciteit
Leeg of lege handelspubliciteit
leuk of leuke handelspubliciteit
Vet of vette handelspubliciteit
Snel of snelle handelspubliciteit
Wit of witte handelspubliciteit
Klein of kleine handelspubliciteit
Rood of rode handelspubliciteit
Dik of dikke handelspubliciteit
Oud of oude handelspubliciteit
Goed of goede handelspubliciteit
Wat rijmt er op handelspubliciteit
Elk of elke: Elke handelspubliciteit
Aanwijzend voornaamwoord: Die handelspubliciteit
Bezittelijk voornaamwoord: Onze handelspubliciteit
Wat rijmt er op handelspubliciteit
Oefening van de dag



