De of het hoogtijperiode?
De hoogtijperiode
Is het de of het hoogtijperiode
In de Nederlandse taal gebruiken wij de hoogtijperiode.
Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: heyday
Deutsch: Blütezeit | Bekijk of het der of die Blütezeit is.
Français: apogée | Bekijk of het Le o La apogée is.
Jou of jouw: jouw hoogtijperiode
Buigings-e:
Mooi of mooie hoogtijperiode
Groot of grote hoogtijperiode
Half of halve hoogtijperiode
Grappig of grappige hoogtijperiode
Leeg of lege hoogtijperiode
leuk of leuke hoogtijperiode
Vet of vette hoogtijperiode
Snel of snelle hoogtijperiode
Wit of witte hoogtijperiode
Klein of kleine hoogtijperiode
Rood of rode hoogtijperiode
Dik of dikke hoogtijperiode
Oud of oude hoogtijperiode
Goed of goede hoogtijperiode
Wat rijmt er op hoogtijperiode
Elk of elke: Elke hoogtijperiode
Aanwijzend voornaamwoord: Die hoogtijperiode
Bezittelijk voornaamwoord: Onze hoogtijperiode
Wat rijmt er op hoogtijperiode
Buigings-e:
Mooi of mooie hoogtijperiode
Groot of grote hoogtijperiode
Half of halve hoogtijperiode
Grappig of grappige hoogtijperiode
Leeg of lege hoogtijperiode
leuk of leuke hoogtijperiode
Vet of vette hoogtijperiode
Snel of snelle hoogtijperiode
Wit of witte hoogtijperiode
Klein of kleine hoogtijperiode
Rood of rode hoogtijperiode
Dik of dikke hoogtijperiode
Oud of oude hoogtijperiode
Goed of goede hoogtijperiode
Wat rijmt er op hoogtijperiode
Elk of elke: Elke hoogtijperiode
Aanwijzend voornaamwoord: Die hoogtijperiode
Bezittelijk voornaamwoord: Onze hoogtijperiode
Wat rijmt er op hoogtijperiode
Oefening van de dag



