De of het levendig?
Het levendig
Is het de of het levendig
In de Nederlandse taal gebruiken wij het levendig.
Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: lively
Deutsch: lebendig | Bekijk of het der of die lebendig is.
Français: animé | Bekijk of het Le o La animé is.
Jou of jouw: jouw levendig
Buigings-e:
Mooi of mooie levendig
Groot of grote levendig
Half of halve levendig
Grappig of grappige levendig
Leeg of lege levendig
leuk of leuke levendig
Vet of vette levendig
Snel of snelle levendig
Wit of witte levendig
Klein of kleine levendig
Rood of rode levendig
Dik of dikke levendig
Oud of oude levendig
Goed of goede levendig
Wat rijmt er op levendig
Elk of elke: Elk levendig
Aanwijzend voornaamwoord: Dat levendig
Bezittelijk voornaamwoord: Ons levendig
Wat rijmt er op levendig
Buigings-e:
Mooi of mooie levendig
Groot of grote levendig
Half of halve levendig
Grappig of grappige levendig
Leeg of lege levendig
leuk of leuke levendig
Vet of vette levendig
Snel of snelle levendig
Wit of witte levendig
Klein of kleine levendig
Rood of rode levendig
Dik of dikke levendig
Oud of oude levendig
Goed of goede levendig
Wat rijmt er op levendig
Elk of elke: Elk levendig
Aanwijzend voornaamwoord: Dat levendig
Bezittelijk voornaamwoord: Ons levendig
Wat rijmt er op levendig
Oefening van de dag



