De of het nasporing?
De nasporing
Is het de of het nasporing
In de Nederlandse taal gebruiken wij de nasporing.
Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: investigation
Deutsch: Untersuchung | Bekijk of het der of die Untersuchung is.
Français: enquête | Bekijk of het Le o La enquête is.
Jou of jouw: jouw nasporing
Buigings-e:
Mooi of mooie nasporing
Groot of grote nasporing
Half of halve nasporing
Grappig of grappige nasporing
Leeg of lege nasporing
leuk of leuke nasporing
Vet of vette nasporing
Snel of snelle nasporing
Wit of witte nasporing
Klein of kleine nasporing
Rood of rode nasporing
Dik of dikke nasporing
Oud of oude nasporing
Goed of goede nasporing
Wat rijmt er op nasporing
Elk of elke: Elke nasporing
Aanwijzend voornaamwoord: Die nasporing
Bezittelijk voornaamwoord: Onze nasporing
Wat rijmt er op nasporing
Buigings-e:
Mooi of mooie nasporing
Groot of grote nasporing
Half of halve nasporing
Grappig of grappige nasporing
Leeg of lege nasporing
leuk of leuke nasporing
Vet of vette nasporing
Snel of snelle nasporing
Wit of witte nasporing
Klein of kleine nasporing
Rood of rode nasporing
Dik of dikke nasporing
Oud of oude nasporing
Goed of goede nasporing
Wat rijmt er op nasporing
Elk of elke: Elke nasporing
Aanwijzend voornaamwoord: Die nasporing
Bezittelijk voornaamwoord: Onze nasporing
Wat rijmt er op nasporing
Oefening van de dag



