De of het paleoceen?
Het paleoceen
Is het de of het paleoceen
In de Nederlandse taal gebruiken wij het paleoceen.
Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: Paleocene
Deutsch: Paläozän | Bekijk of het der of die Paläozän is.
Français: Paléocène | Bekijk of het Le o La Paléocène is.
Jou of jouw: jouw paleoceen
Buigings-e:
Mooi of mooie paleoceen
Groot of grote paleoceen
Half of halve paleoceen
Grappig of grappige paleoceen
Leeg of lege paleoceen
leuk of leuke paleoceen
Vet of vette paleoceen
Snel of snelle paleoceen
Wit of witte paleoceen
Klein of kleine paleoceen
Rood of rode paleoceen
Dik of dikke paleoceen
Oud of oude paleoceen
Goed of goede paleoceen
Wat rijmt er op paleoceen
Elk of elke: Elk paleoceen
Aanwijzend voornaamwoord: Dat paleoceen
Bezittelijk voornaamwoord: Ons paleoceen
Wat rijmt er op paleoceen
Buigings-e:
Mooi of mooie paleoceen
Groot of grote paleoceen
Half of halve paleoceen
Grappig of grappige paleoceen
Leeg of lege paleoceen
leuk of leuke paleoceen
Vet of vette paleoceen
Snel of snelle paleoceen
Wit of witte paleoceen
Klein of kleine paleoceen
Rood of rode paleoceen
Dik of dikke paleoceen
Oud of oude paleoceen
Goed of goede paleoceen
Wat rijmt er op paleoceen
Elk of elke: Elk paleoceen
Aanwijzend voornaamwoord: Dat paleoceen
Bezittelijk voornaamwoord: Ons paleoceen
Wat rijmt er op paleoceen
Oefening van de dag



