De of het regentijd?
De regentijd
Is het de of het regentijd
In de Nederlandse taal gebruiken wij de regentijd.

Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: rainy season
Deutsch: regenzeit | Bekijk of het der of die regenzeit is.
Français: saison des pluies | Bekijk of het Le o La saison des pluies is.
Jou of jouw: jouw regentijd
Buigings-e:
Mooi of mooie regentijd
Groot of grote regentijd
Half of halve regentijd
Grappig of grappige regentijd
Leeg of lege regentijd
leuk of leuke regentijd
Vet of vette regentijd
Snel of snelle regentijd
Wit of witte regentijd
Klein of kleine regentijd
Rood of rode regentijd
Dik of dikke regentijd
Oud of oude regentijd
Goed of goede regentijd
Wat rijmt er op regentijd
Elk of elke: Elke regentijd
Aanwijzend voornaamwoord: Die regentijd
Bezittelijk voornaamwoord: Onze regentijd
Wat rijmt er op regentijd
Buigings-e:
Mooi of mooie regentijd
Groot of grote regentijd
Half of halve regentijd
Grappig of grappige regentijd
Leeg of lege regentijd
leuk of leuke regentijd
Vet of vette regentijd
Snel of snelle regentijd
Wit of witte regentijd
Klein of kleine regentijd
Rood of rode regentijd
Dik of dikke regentijd
Oud of oude regentijd
Goed of goede regentijd
Wat rijmt er op regentijd
Elk of elke: Elke regentijd
Aanwijzend voornaamwoord: Die regentijd
Bezittelijk voornaamwoord: Onze regentijd
Wat rijmt er op regentijd
Oefening van de dag



