De of het soennieten?
Het soennieten
Is het de of het soennieten
In de Nederlandse taal gebruiken wij het soennieten.
Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: Sunnis
Deutsch: Sunniten | Bekijk of het der of die Sunniten is.
Français: Sunnites | Bekijk of het Le o La Sunnites is.
Jou of jouw: jouw soennieten
Buigings-e:
Mooi of mooie soennieten
Groot of grote soennieten
Half of halve soennieten
Grappig of grappige soennieten
Leeg of lege soennieten
leuk of leuke soennieten
Vet of vette soennieten
Snel of snelle soennieten
Wit of witte soennieten
Klein of kleine soennieten
Rood of rode soennieten
Dik of dikke soennieten
Oud of oude soennieten
Goed of goede soennieten
Wat rijmt er op soennieten
Elk of elke: Elk soennieten
Aanwijzend voornaamwoord: Dat soennieten
Bezittelijk voornaamwoord: Ons soennieten
Wat rijmt er op soennieten
Buigings-e:
Mooi of mooie soennieten
Groot of grote soennieten
Half of halve soennieten
Grappig of grappige soennieten
Leeg of lege soennieten
leuk of leuke soennieten
Vet of vette soennieten
Snel of snelle soennieten
Wit of witte soennieten
Klein of kleine soennieten
Rood of rode soennieten
Dik of dikke soennieten
Oud of oude soennieten
Goed of goede soennieten
Wat rijmt er op soennieten
Elk of elke: Elk soennieten
Aanwijzend voornaamwoord: Dat soennieten
Bezittelijk voornaamwoord: Ons soennieten
Wat rijmt er op soennieten
Oefening van de dag



