De of het transfigureren?
Het transfigureren
Is het de of het transfigureren
In de Nederlandse taal gebruiken wij het transfigureren.
Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: transfiguring
Deutsch: verklären | Bekijk of het der of die verklären is.
Français: transfigurer | Bekijk of het Le o La transfigurer is.
Jou of jouw: jouw transfigureren
Buigings-e:
Mooi of mooie transfigureren
Groot of grote transfigureren
Half of halve transfigureren
Grappig of grappige transfigureren
Leeg of lege transfigureren
leuk of leuke transfigureren
Vet of vette transfigureren
Snel of snelle transfigureren
Wit of witte transfigureren
Klein of kleine transfigureren
Rood of rode transfigureren
Dik of dikke transfigureren
Oud of oude transfigureren
Goed of goede transfigureren
Wat rijmt er op transfigureren
Elk of elke: Elk transfigureren
Aanwijzend voornaamwoord: Dat transfigureren
Bezittelijk voornaamwoord: Ons transfigureren
Wat rijmt er op transfigureren
Buigings-e:
Mooi of mooie transfigureren
Groot of grote transfigureren
Half of halve transfigureren
Grappig of grappige transfigureren
Leeg of lege transfigureren
leuk of leuke transfigureren
Vet of vette transfigureren
Snel of snelle transfigureren
Wit of witte transfigureren
Klein of kleine transfigureren
Rood of rode transfigureren
Dik of dikke transfigureren
Oud of oude transfigureren
Goed of goede transfigureren
Wat rijmt er op transfigureren
Elk of elke: Elk transfigureren
Aanwijzend voornaamwoord: Dat transfigureren
Bezittelijk voornaamwoord: Ons transfigureren
Wat rijmt er op transfigureren
Oefening van de dag



