De of het tuinlieden?
Het tuinlieden
Is het de of het tuinlieden
In de Nederlandse taal gebruiken wij het tuinlieden.
Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: gardeners
Deutsch: Gärtner | Bekijk of het der of die Gärtner is.
Français: Jardiniers | Bekijk of het Le o La Jardiniers is.
Jou of jouw: jouw tuinlieden
Buigings-e:
Mooi of mooie tuinlieden
Groot of grote tuinlieden
Half of halve tuinlieden
Grappig of grappige tuinlieden
Leeg of lege tuinlieden
leuk of leuke tuinlieden
Vet of vette tuinlieden
Snel of snelle tuinlieden
Wit of witte tuinlieden
Klein of kleine tuinlieden
Rood of rode tuinlieden
Dik of dikke tuinlieden
Oud of oude tuinlieden
Goed of goede tuinlieden
Wat rijmt er op tuinlieden
Elk of elke: Elk tuinlieden
Aanwijzend voornaamwoord: Dat tuinlieden
Bezittelijk voornaamwoord: Ons tuinlieden
Wat rijmt er op tuinlieden
Buigings-e:
Mooi of mooie tuinlieden
Groot of grote tuinlieden
Half of halve tuinlieden
Grappig of grappige tuinlieden
Leeg of lege tuinlieden
leuk of leuke tuinlieden
Vet of vette tuinlieden
Snel of snelle tuinlieden
Wit of witte tuinlieden
Klein of kleine tuinlieden
Rood of rode tuinlieden
Dik of dikke tuinlieden
Oud of oude tuinlieden
Goed of goede tuinlieden
Wat rijmt er op tuinlieden
Elk of elke: Elk tuinlieden
Aanwijzend voornaamwoord: Dat tuinlieden
Bezittelijk voornaamwoord: Ons tuinlieden
Wat rijmt er op tuinlieden
Oefening van de dag



