De of het verhuurperiode?
De verhuurperiode
Is het de of het verhuurperiode
In de Nederlandse taal gebruiken wij de verhuurperiode.
Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: rental period
Deutsch: Mietzeitraum | Bekijk of het der of die Mietzeitraum is.
Français: période de location | Bekijk of het Le o La période de location is.
Jou of jouw: jouw verhuurperiode
Buigings-e:
Mooi of mooie verhuurperiode
Groot of grote verhuurperiode
Half of halve verhuurperiode
Grappig of grappige verhuurperiode
Leeg of lege verhuurperiode
leuk of leuke verhuurperiode
Vet of vette verhuurperiode
Snel of snelle verhuurperiode
Wit of witte verhuurperiode
Klein of kleine verhuurperiode
Rood of rode verhuurperiode
Dik of dikke verhuurperiode
Oud of oude verhuurperiode
Goed of goede verhuurperiode
Wat rijmt er op verhuurperiode
Elk of elke: Elke verhuurperiode
Aanwijzend voornaamwoord: Die verhuurperiode
Bezittelijk voornaamwoord: Onze verhuurperiode
Wat rijmt er op verhuurperiode
Buigings-e:
Mooi of mooie verhuurperiode
Groot of grote verhuurperiode
Half of halve verhuurperiode
Grappig of grappige verhuurperiode
Leeg of lege verhuurperiode
leuk of leuke verhuurperiode
Vet of vette verhuurperiode
Snel of snelle verhuurperiode
Wit of witte verhuurperiode
Klein of kleine verhuurperiode
Rood of rode verhuurperiode
Dik of dikke verhuurperiode
Oud of oude verhuurperiode
Goed of goede verhuurperiode
Wat rijmt er op verhuurperiode
Elk of elke: Elke verhuurperiode
Aanwijzend voornaamwoord: Die verhuurperiode
Bezittelijk voornaamwoord: Onze verhuurperiode
Wat rijmt er op verhuurperiode
Oefening van de dag



