De of het zendgebied?
Het zendgebied
Is het de of het zendgebied
In de Nederlandse taal gebruiken wij het zendgebied.
Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: transmission area
Deutsch: Übertragungsbereich | Bekijk of het der of die Übertragungsbereich is.
Français: zone de transmission | Bekijk of het Le o La zone de transmission is.
Jou of jouw: jouw zendgebied
Buigings-e:
Mooi of mooie zendgebied
Groot of grote zendgebied
Half of halve zendgebied
Grappig of grappige zendgebied
Leeg of lege zendgebied
leuk of leuke zendgebied
Vet of vette zendgebied
Snel of snelle zendgebied
Wit of witte zendgebied
Klein of kleine zendgebied
Rood of rode zendgebied
Dik of dikke zendgebied
Oud of oude zendgebied
Goed of goede zendgebied
Wat rijmt er op zendgebied
Elk of elke: Elk zendgebied
Aanwijzend voornaamwoord: Dat zendgebied
Bezittelijk voornaamwoord: Ons zendgebied
Wat rijmt er op zendgebied
uitzendgebied -
Buigings-e:
Mooi of mooie zendgebied
Groot of grote zendgebied
Half of halve zendgebied
Grappig of grappige zendgebied
Leeg of lege zendgebied
leuk of leuke zendgebied
Vet of vette zendgebied
Snel of snelle zendgebied
Wit of witte zendgebied
Klein of kleine zendgebied
Rood of rode zendgebied
Dik of dikke zendgebied
Oud of oude zendgebied
Goed of goede zendgebied
Wat rijmt er op zendgebied
Elk of elke: Elk zendgebied
Aanwijzend voornaamwoord: Dat zendgebied
Bezittelijk voornaamwoord: Ons zendgebied
Wat rijmt er op zendgebied
uitzendgebied -
Oefening van de dag



