De of het bacterievuur?
Het bacterievuur
Is het de of het bacterievuur
In de Nederlandse taal gebruiken wij het bacterievuur.
Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: blight
Deutsch: Braunfäule | Bekijk of het der of die Braunfäule is.
Français: rouille | Bekijk of het Le o La rouille is.
Jou of jouw: jouw bacterievuur
Buigings-e:
Mooi of mooie bacterievuur
Groot of grote bacterievuur
Half of halve bacterievuur
Grappig of grappige bacterievuur
Leeg of lege bacterievuur
leuk of leuke bacterievuur
Vet of vette bacterievuur
Snel of snelle bacterievuur
Wit of witte bacterievuur
Klein of kleine bacterievuur
Rood of rode bacterievuur
Dik of dikke bacterievuur
Oud of oude bacterievuur
Goed of goede bacterievuur
Wat rijmt er op bacterievuur
Elk of elke: Elk bacterievuur
Aanwijzend voornaamwoord: Dat bacterievuur
Bezittelijk voornaamwoord: Ons bacterievuur
Wat rijmt er op bacterievuur
Buigings-e:
Mooi of mooie bacterievuur
Groot of grote bacterievuur
Half of halve bacterievuur
Grappig of grappige bacterievuur
Leeg of lege bacterievuur
leuk of leuke bacterievuur
Vet of vette bacterievuur
Snel of snelle bacterievuur
Wit of witte bacterievuur
Klein of kleine bacterievuur
Rood of rode bacterievuur
Dik of dikke bacterievuur
Oud of oude bacterievuur
Goed of goede bacterievuur
Wat rijmt er op bacterievuur
Elk of elke: Elk bacterievuur
Aanwijzend voornaamwoord: Dat bacterievuur
Bezittelijk voornaamwoord: Ons bacterievuur
Wat rijmt er op bacterievuur
Oefening van de dag



