De of het defjaarrekening?
De defjaarrekening
Is het de of het defjaarrekening
In de Nederlandse taal gebruiken wij de defjaarrekening.
Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: defjaarrekening
Deutsch: defjaarrekening | Bekijk of het der of die defjaarrekening is.
Français: defjaarrekening | Bekijk of het Le o La defjaarrekening is.
Jou of jouw: jouw defjaarrekening
Buigings-e:
Mooi of mooie defjaarrekening
Groot of grote defjaarrekening
Half of halve defjaarrekening
Grappig of grappige defjaarrekening
Leeg of lege defjaarrekening
leuk of leuke defjaarrekening
Vet of vette defjaarrekening
Snel of snelle defjaarrekening
Wit of witte defjaarrekening
Klein of kleine defjaarrekening
Rood of rode defjaarrekening
Dik of dikke defjaarrekening
Oud of oude defjaarrekening
Goed of goede defjaarrekening
Wat rijmt er op defjaarrekening
Elk of elke: Elke defjaarrekening
Aanwijzend voornaamwoord: Die defjaarrekening
Bezittelijk voornaamwoord: Onze defjaarrekening
Wat rijmt er op defjaarrekening
Buigings-e:
Mooi of mooie defjaarrekening
Groot of grote defjaarrekening
Half of halve defjaarrekening
Grappig of grappige defjaarrekening
Leeg of lege defjaarrekening
leuk of leuke defjaarrekening
Vet of vette defjaarrekening
Snel of snelle defjaarrekening
Wit of witte defjaarrekening
Klein of kleine defjaarrekening
Rood of rode defjaarrekening
Dik of dikke defjaarrekening
Oud of oude defjaarrekening
Goed of goede defjaarrekening
Wat rijmt er op defjaarrekening
Elk of elke: Elke defjaarrekening
Aanwijzend voornaamwoord: Die defjaarrekening
Bezittelijk voornaamwoord: Onze defjaarrekening
Wat rijmt er op defjaarrekening
Oefening van de dag



