De of het evangelist?
De evangelist
Is het de of het evangelist
In de Nederlandse taal gebruiken wij de evangelist.
Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
Evangelist is mannelijk
English: evangelist
Deutsch: Evangelist | Bekijk of het der of die Evangelist is.
Français: Évangéliste | Bekijk of het Le o La Évangéliste is.
Jou of jouw: jouw evangelist
Buigings-e:
Mooi of mooie evangelist
Groot of grote evangelist
Half of halve evangelist
Grappig of grappige evangelist
Leeg of lege evangelist
leuk of leuke evangelist
Vet of vette evangelist
Snel of snelle evangelist
Wit of witte evangelist
Klein of kleine evangelist
Rood of rode evangelist
Dik of dikke evangelist
Oud of oude evangelist
Goed of goede evangelist
Wat rijmt er op evangelist
Elk of elke: Elke evangelist
Aanwijzend voornaamwoord: Die evangelist
Bezittelijk voornaamwoord: Onze evangelist
Wat rijmt er op evangelist
Buigings-e:
Mooi of mooie evangelist
Groot of grote evangelist
Half of halve evangelist
Grappig of grappige evangelist
Leeg of lege evangelist
leuk of leuke evangelist
Vet of vette evangelist
Snel of snelle evangelist
Wit of witte evangelist
Klein of kleine evangelist
Rood of rode evangelist
Dik of dikke evangelist
Oud of oude evangelist
Goed of goede evangelist
Wat rijmt er op evangelist
Elk of elke: Elke evangelist
Aanwijzend voornaamwoord: Die evangelist
Bezittelijk voornaamwoord: Onze evangelist
Wat rijmt er op evangelist
Oefening van de dag



