De of het foerageren?
Het foerageren
Is het de of het foerageren
In de Nederlandse taal gebruiken wij het foerageren.
Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: foraging
Deutsch: Nahrungssuche | Bekijk of het der of die Nahrungssuche is.
Français: butinage | Bekijk of het Le o La butinage is.
Jou of jouw: jouw foerageren
Buigings-e:
Mooi of mooie foerageren
Groot of grote foerageren
Half of halve foerageren
Grappig of grappige foerageren
Leeg of lege foerageren
leuk of leuke foerageren
Vet of vette foerageren
Snel of snelle foerageren
Wit of witte foerageren
Klein of kleine foerageren
Rood of rode foerageren
Dik of dikke foerageren
Oud of oude foerageren
Goed of goede foerageren
Wat rijmt er op foerageren
Elk of elke: Elk foerageren
Aanwijzend voornaamwoord: Dat foerageren
Bezittelijk voornaamwoord: Ons foerageren
Wat rijmt er op foerageren
Buigings-e:
Mooi of mooie foerageren
Groot of grote foerageren
Half of halve foerageren
Grappig of grappige foerageren
Leeg of lege foerageren
leuk of leuke foerageren
Vet of vette foerageren
Snel of snelle foerageren
Wit of witte foerageren
Klein of kleine foerageren
Rood of rode foerageren
Dik of dikke foerageren
Oud of oude foerageren
Goed of goede foerageren
Wat rijmt er op foerageren
Elk of elke: Elk foerageren
Aanwijzend voornaamwoord: Dat foerageren
Bezittelijk voornaamwoord: Ons foerageren
Wat rijmt er op foerageren
Oefening van de dag



