De of het gelijkspelen?
Het gelijkspelen
Is het de of het gelijkspelen
In de Nederlandse taal gebruiken wij het gelijkspelen.
Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: equal playing
Deutsch: gleiche Wettbewerbsbedingungen | Bekijk of het der of die gleiche Wettbewerbsbedingungen is.
Français: égale jeu | Bekijk of het Le o La égale jeu is.
Jou of jouw: jouw gelijkspelen
Buigings-e:
Mooi of mooie gelijkspelen
Groot of grote gelijkspelen
Half of halve gelijkspelen
Grappig of grappige gelijkspelen
Leeg of lege gelijkspelen
leuk of leuke gelijkspelen
Vet of vette gelijkspelen
Snel of snelle gelijkspelen
Wit of witte gelijkspelen
Klein of kleine gelijkspelen
Rood of rode gelijkspelen
Dik of dikke gelijkspelen
Oud of oude gelijkspelen
Goed of goede gelijkspelen
Wat rijmt er op gelijkspelen
Elk of elke: Elk gelijkspelen
Aanwijzend voornaamwoord: Dat gelijkspelen
Bezittelijk voornaamwoord: Ons gelijkspelen
Wat rijmt er op gelijkspelen
Buigings-e:
Mooi of mooie gelijkspelen
Groot of grote gelijkspelen
Half of halve gelijkspelen
Grappig of grappige gelijkspelen
Leeg of lege gelijkspelen
leuk of leuke gelijkspelen
Vet of vette gelijkspelen
Snel of snelle gelijkspelen
Wit of witte gelijkspelen
Klein of kleine gelijkspelen
Rood of rode gelijkspelen
Dik of dikke gelijkspelen
Oud of oude gelijkspelen
Goed of goede gelijkspelen
Wat rijmt er op gelijkspelen
Elk of elke: Elk gelijkspelen
Aanwijzend voornaamwoord: Dat gelijkspelen
Bezittelijk voornaamwoord: Ons gelijkspelen
Wat rijmt er op gelijkspelen
Oefening van de dag



