De of het googelen?
Het googelen
Is het de of het googelen
In de Nederlandse taal gebruiken wij het googelen.
Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: Googling
Deutsch: Googeln | Bekijk of het der of die Googeln is.
Français: Googler | Bekijk of het Le o La Googler is.
Jou of jouw: jouw googelen
Buigings-e:
Mooi of mooie googelen
Groot of grote googelen
Half of halve googelen
Grappig of grappige googelen
Leeg of lege googelen
leuk of leuke googelen
Vet of vette googelen
Snel of snelle googelen
Wit of witte googelen
Klein of kleine googelen
Rood of rode googelen
Dik of dikke googelen
Oud of oude googelen
Goed of goede googelen
Wat rijmt er op googelen
Elk of elke: Elk googelen
Aanwijzend voornaamwoord: Dat googelen
Bezittelijk voornaamwoord: Ons googelen
Wat rijmt er op googelen
Buigings-e:
Mooi of mooie googelen
Groot of grote googelen
Half of halve googelen
Grappig of grappige googelen
Leeg of lege googelen
leuk of leuke googelen
Vet of vette googelen
Snel of snelle googelen
Wit of witte googelen
Klein of kleine googelen
Rood of rode googelen
Dik of dikke googelen
Oud of oude googelen
Goed of goede googelen
Wat rijmt er op googelen
Elk of elke: Elk googelen
Aanwijzend voornaamwoord: Dat googelen
Bezittelijk voornaamwoord: Ons googelen
Wat rijmt er op googelen
Oefening van de dag



