De of het groeisegment?
Het groeisegment
Is het de of het groeisegment
In de Nederlandse taal gebruiken wij het groeisegment.
Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: growth segment
Deutsch: Wachstumssegment | Bekijk of het der of die Wachstumssegment is.
Français: segment de croissance | Bekijk of het Le o La segment de croissance is.
Jou of jouw: jouw groeisegment
Buigings-e:
Mooi of mooie groeisegment
Groot of grote groeisegment
Half of halve groeisegment
Grappig of grappige groeisegment
Leeg of lege groeisegment
leuk of leuke groeisegment
Vet of vette groeisegment
Snel of snelle groeisegment
Wit of witte groeisegment
Klein of kleine groeisegment
Rood of rode groeisegment
Dik of dikke groeisegment
Oud of oude groeisegment
Goed of goede groeisegment
Wat rijmt er op groeisegment
Elk of elke: Elk groeisegment
Aanwijzend voornaamwoord: Dat groeisegment
Bezittelijk voornaamwoord: Ons groeisegment
Wat rijmt er op groeisegment
Buigings-e:
Mooi of mooie groeisegment
Groot of grote groeisegment
Half of halve groeisegment
Grappig of grappige groeisegment
Leeg of lege groeisegment
leuk of leuke groeisegment
Vet of vette groeisegment
Snel of snelle groeisegment
Wit of witte groeisegment
Klein of kleine groeisegment
Rood of rode groeisegment
Dik of dikke groeisegment
Oud of oude groeisegment
Goed of goede groeisegment
Wat rijmt er op groeisegment
Elk of elke: Elk groeisegment
Aanwijzend voornaamwoord: Dat groeisegment
Bezittelijk voornaamwoord: Ons groeisegment
Wat rijmt er op groeisegment
Oefening van de dag



