De of het interlandelijk?
Het interlandelijk
Is het de of het interlandelijk
In de Nederlandse taal gebruiken wij het interlandelijk.
Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: intercountry
Deutsch: zwischen den Ländern | Bekijk of het der of die zwischen den Ländern is.
Français: inter-pays | Bekijk of het Le o La inter-pays is.
Jou of jouw: jouw interlandelijk
Buigings-e:
Mooi of mooie interlandelijk
Groot of grote interlandelijk
Half of halve interlandelijk
Grappig of grappige interlandelijk
Leeg of lege interlandelijk
leuk of leuke interlandelijk
Vet of vette interlandelijk
Snel of snelle interlandelijk
Wit of witte interlandelijk
Klein of kleine interlandelijk
Rood of rode interlandelijk
Dik of dikke interlandelijk
Oud of oude interlandelijk
Goed of goede interlandelijk
Wat rijmt er op interlandelijk
Elk of elke: Elk interlandelijk
Aanwijzend voornaamwoord: Dat interlandelijk
Bezittelijk voornaamwoord: Ons interlandelijk
Wat rijmt er op interlandelijk
Buigings-e:
Mooi of mooie interlandelijk
Groot of grote interlandelijk
Half of halve interlandelijk
Grappig of grappige interlandelijk
Leeg of lege interlandelijk
leuk of leuke interlandelijk
Vet of vette interlandelijk
Snel of snelle interlandelijk
Wit of witte interlandelijk
Klein of kleine interlandelijk
Rood of rode interlandelijk
Dik of dikke interlandelijk
Oud of oude interlandelijk
Goed of goede interlandelijk
Wat rijmt er op interlandelijk
Elk of elke: Elk interlandelijk
Aanwijzend voornaamwoord: Dat interlandelijk
Bezittelijk voornaamwoord: Ons interlandelijk
Wat rijmt er op interlandelijk
Oefening van de dag



