De of het jachtgoederen?
Het jachtgoederen
Is het de of het jachtgoederen
In de Nederlandse taal gebruiken wij het jachtgoederen.
Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: hunting goods
Deutsch: Jagdwaren | Bekijk of het der of die Jagdwaren is.
Français: marchandises de chasse | Bekijk of het Le o La marchandises de chasse is.
Jou of jouw: jouw jachtgoederen
Buigings-e:
Mooi of mooie jachtgoederen
Groot of grote jachtgoederen
Half of halve jachtgoederen
Grappig of grappige jachtgoederen
Leeg of lege jachtgoederen
leuk of leuke jachtgoederen
Vet of vette jachtgoederen
Snel of snelle jachtgoederen
Wit of witte jachtgoederen
Klein of kleine jachtgoederen
Rood of rode jachtgoederen
Dik of dikke jachtgoederen
Oud of oude jachtgoederen
Goed of goede jachtgoederen
Wat rijmt er op jachtgoederen
Elk of elke: Elk jachtgoederen
Aanwijzend voornaamwoord: Dat jachtgoederen
Bezittelijk voornaamwoord: Ons jachtgoederen
Wat rijmt er op jachtgoederen
Buigings-e:
Mooi of mooie jachtgoederen
Groot of grote jachtgoederen
Half of halve jachtgoederen
Grappig of grappige jachtgoederen
Leeg of lege jachtgoederen
leuk of leuke jachtgoederen
Vet of vette jachtgoederen
Snel of snelle jachtgoederen
Wit of witte jachtgoederen
Klein of kleine jachtgoederen
Rood of rode jachtgoederen
Dik of dikke jachtgoederen
Oud of oude jachtgoederen
Goed of goede jachtgoederen
Wat rijmt er op jachtgoederen
Elk of elke: Elk jachtgoederen
Aanwijzend voornaamwoord: Dat jachtgoederen
Bezittelijk voornaamwoord: Ons jachtgoederen
Wat rijmt er op jachtgoederen
Oefening van de dag



