De of het jonggetrouwde?
De jonggetrouwde
Is het de of het jonggetrouwde
In de Nederlandse taal gebruiken wij de jonggetrouwde.
Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: young married
Deutsch: jung geheiratet | Bekijk of het der of die jung geheiratet is.
Français: jeune marié | Bekijk of het Le o La jeune marié is.
Jou of jouw: jouw jonggetrouwde
Buigings-e:
Mooi of mooie jonggetrouwde
Groot of grote jonggetrouwde
Half of halve jonggetrouwde
Grappig of grappige jonggetrouwde
Leeg of lege jonggetrouwde
leuk of leuke jonggetrouwde
Vet of vette jonggetrouwde
Snel of snelle jonggetrouwde
Wit of witte jonggetrouwde
Klein of kleine jonggetrouwde
Rood of rode jonggetrouwde
Dik of dikke jonggetrouwde
Oud of oude jonggetrouwde
Goed of goede jonggetrouwde
Wat rijmt er op jonggetrouwde
Elk of elke: Elke jonggetrouwde
Aanwijzend voornaamwoord: Die jonggetrouwde
Bezittelijk voornaamwoord: Onze jonggetrouwde
Wat rijmt er op jonggetrouwde
Buigings-e:
Mooi of mooie jonggetrouwde
Groot of grote jonggetrouwde
Half of halve jonggetrouwde
Grappig of grappige jonggetrouwde
Leeg of lege jonggetrouwde
leuk of leuke jonggetrouwde
Vet of vette jonggetrouwde
Snel of snelle jonggetrouwde
Wit of witte jonggetrouwde
Klein of kleine jonggetrouwde
Rood of rode jonggetrouwde
Dik of dikke jonggetrouwde
Oud of oude jonggetrouwde
Goed of goede jonggetrouwde
Wat rijmt er op jonggetrouwde
Elk of elke: Elke jonggetrouwde
Aanwijzend voornaamwoord: Die jonggetrouwde
Bezittelijk voornaamwoord: Onze jonggetrouwde
Wat rijmt er op jonggetrouwde
Oefening van de dag



