De of het kanselrede?
De kanselrede
Is het de of het kanselrede
In de Nederlandse taal gebruiken wij de kanselrede.
Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: sermon
Deutsch: Predigt | Bekijk of het der of die Predigt is.
Français: sermon | Bekijk of het Le o La sermon is.
Jou of jouw: jouw kanselrede
Buigings-e:
Mooi of mooie kanselrede
Groot of grote kanselrede
Half of halve kanselrede
Grappig of grappige kanselrede
Leeg of lege kanselrede
leuk of leuke kanselrede
Vet of vette kanselrede
Snel of snelle kanselrede
Wit of witte kanselrede
Klein of kleine kanselrede
Rood of rode kanselrede
Dik of dikke kanselrede
Oud of oude kanselrede
Goed of goede kanselrede
Wat rijmt er op kanselrede
Elk of elke: Elke kanselrede
Aanwijzend voornaamwoord: Die kanselrede
Bezittelijk voornaamwoord: Onze kanselrede
Wat rijmt er op kanselrede
Buigings-e:
Mooi of mooie kanselrede
Groot of grote kanselrede
Half of halve kanselrede
Grappig of grappige kanselrede
Leeg of lege kanselrede
leuk of leuke kanselrede
Vet of vette kanselrede
Snel of snelle kanselrede
Wit of witte kanselrede
Klein of kleine kanselrede
Rood of rode kanselrede
Dik of dikke kanselrede
Oud of oude kanselrede
Goed of goede kanselrede
Wat rijmt er op kanselrede
Elk of elke: Elke kanselrede
Aanwijzend voornaamwoord: Die kanselrede
Bezittelijk voornaamwoord: Onze kanselrede
Wat rijmt er op kanselrede
Oefening van de dag



