De of het klerenzaak?
De klerenzaak
Is het de of het klerenzaak
In de Nederlandse taal gebruiken wij de klerenzaak.
Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: clothes shop
Deutsch: kleidungsgeschäft | Bekijk of het der of die kleidungsgeschäft is.
Français: magasin de vêtements | Bekijk of het Le o La magasin de vêtements is.
Jou of jouw: jouw klerenzaak
Buigings-e:
Mooi of mooie klerenzaak
Groot of grote klerenzaak
Half of halve klerenzaak
Grappig of grappige klerenzaak
Leeg of lege klerenzaak
leuk of leuke klerenzaak
Vet of vette klerenzaak
Snel of snelle klerenzaak
Wit of witte klerenzaak
Klein of kleine klerenzaak
Rood of rode klerenzaak
Dik of dikke klerenzaak
Oud of oude klerenzaak
Goed of goede klerenzaak
Wat rijmt er op klerenzaak
Elk of elke: Elke klerenzaak
Aanwijzend voornaamwoord: Die klerenzaak
Bezittelijk voornaamwoord: Onze klerenzaak
Wat rijmt er op klerenzaak
Buigings-e:
Mooi of mooie klerenzaak
Groot of grote klerenzaak
Half of halve klerenzaak
Grappig of grappige klerenzaak
Leeg of lege klerenzaak
leuk of leuke klerenzaak
Vet of vette klerenzaak
Snel of snelle klerenzaak
Wit of witte klerenzaak
Klein of kleine klerenzaak
Rood of rode klerenzaak
Dik of dikke klerenzaak
Oud of oude klerenzaak
Goed of goede klerenzaak
Wat rijmt er op klerenzaak
Elk of elke: Elke klerenzaak
Aanwijzend voornaamwoord: Die klerenzaak
Bezittelijk voornaamwoord: Onze klerenzaak
Wat rijmt er op klerenzaak
Oefening van de dag



