De of het knipperen?
Het knipperen
Is het de of het knipperen
In de Nederlandse taal gebruiken wij het knipperen.
Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: blink
Deutsch: blinken | Bekijk of het der of die blinken is.
Français: cligner des yeux | Bekijk of het Le o La cligner des yeux is.
Jou of jouw: jouw knipperen
Buigings-e:
Mooi of mooie knipperen
Groot of grote knipperen
Half of halve knipperen
Grappig of grappige knipperen
Leeg of lege knipperen
leuk of leuke knipperen
Vet of vette knipperen
Snel of snelle knipperen
Wit of witte knipperen
Klein of kleine knipperen
Rood of rode knipperen
Dik of dikke knipperen
Oud of oude knipperen
Goed of goede knipperen
Wat rijmt er op knipperen
Elk of elke: Elk knipperen
Aanwijzend voornaamwoord: Dat knipperen
Bezittelijk voornaamwoord: Ons knipperen
Wat rijmt er op knipperen
Buigings-e:
Mooi of mooie knipperen
Groot of grote knipperen
Half of halve knipperen
Grappig of grappige knipperen
Leeg of lege knipperen
leuk of leuke knipperen
Vet of vette knipperen
Snel of snelle knipperen
Wit of witte knipperen
Klein of kleine knipperen
Rood of rode knipperen
Dik of dikke knipperen
Oud of oude knipperen
Goed of goede knipperen
Wat rijmt er op knipperen
Elk of elke: Elk knipperen
Aanwijzend voornaamwoord: Dat knipperen
Bezittelijk voornaamwoord: Ons knipperen
Wat rijmt er op knipperen
Oefening van de dag



