De of het kooktijd?
De kooktijd
Is het de of het kooktijd
In de Nederlandse taal gebruiken wij de kooktijd.
Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: cooking
Deutsch: kochzeit | Bekijk of het der of die kochzeit is.
Français: temps de cuisson | Bekijk of het Le o La temps de cuisson is.
Jou of jouw: jouw kooktijd
Buigings-e:
Mooi of mooie kooktijd
Groot of grote kooktijd
Half of halve kooktijd
Grappig of grappige kooktijd
Leeg of lege kooktijd
leuk of leuke kooktijd
Vet of vette kooktijd
Snel of snelle kooktijd
Wit of witte kooktijd
Klein of kleine kooktijd
Rood of rode kooktijd
Dik of dikke kooktijd
Oud of oude kooktijd
Goed of goede kooktijd
Wat rijmt er op kooktijd
Elk of elke: Elke kooktijd
Aanwijzend voornaamwoord: Die kooktijd
Bezittelijk voornaamwoord: Onze kooktijd
Wat rijmt er op kooktijd
Buigings-e:
Mooi of mooie kooktijd
Groot of grote kooktijd
Half of halve kooktijd
Grappig of grappige kooktijd
Leeg of lege kooktijd
leuk of leuke kooktijd
Vet of vette kooktijd
Snel of snelle kooktijd
Wit of witte kooktijd
Klein of kleine kooktijd
Rood of rode kooktijd
Dik of dikke kooktijd
Oud of oude kooktijd
Goed of goede kooktijd
Wat rijmt er op kooktijd
Elk of elke: Elke kooktijd
Aanwijzend voornaamwoord: Die kooktijd
Bezittelijk voornaamwoord: Onze kooktijd
Wat rijmt er op kooktijd
Oefening van de dag



