De of het leeftijdsamenstelling?
De leeftijdsamenstelling
Is het de of het leeftijdsamenstelling
In de Nederlandse taal gebruiken wij de leeftijdsamenstelling.
Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: age composition
Jou of jouw: jouw leeftijdsamenstelling
Buigings-e:
Mooi of mooie leeftijdsamenstelling
Groot of grote leeftijdsamenstelling
Half of halve leeftijdsamenstelling
Grappig of grappige leeftijdsamenstelling
Leeg of lege leeftijdsamenstelling
leuk of leuke leeftijdsamenstelling
Vet of vette leeftijdsamenstelling
Snel of snelle leeftijdsamenstelling
Wit of witte leeftijdsamenstelling
Klein of kleine leeftijdsamenstelling
Rood of rode leeftijdsamenstelling
Dik of dikke leeftijdsamenstelling
Oud of oude leeftijdsamenstelling
Goed of goede leeftijdsamenstelling
Wat rijmt er op leeftijdsamenstelling
Elk of elke: Elke leeftijdsamenstelling
Aanwijzend voornaamwoord: Die leeftijdsamenstelling
Bezittelijk voornaamwoord: Onze leeftijdsamenstelling
Wat rijmt er op leeftijdsamenstelling
Buigings-e:
Mooi of mooie leeftijdsamenstelling
Groot of grote leeftijdsamenstelling
Half of halve leeftijdsamenstelling
Grappig of grappige leeftijdsamenstelling
Leeg of lege leeftijdsamenstelling
leuk of leuke leeftijdsamenstelling
Vet of vette leeftijdsamenstelling
Snel of snelle leeftijdsamenstelling
Wit of witte leeftijdsamenstelling
Klein of kleine leeftijdsamenstelling
Rood of rode leeftijdsamenstelling
Dik of dikke leeftijdsamenstelling
Oud of oude leeftijdsamenstelling
Goed of goede leeftijdsamenstelling
Wat rijmt er op leeftijdsamenstelling
Elk of elke: Elke leeftijdsamenstelling
Aanwijzend voornaamwoord: Die leeftijdsamenstelling
Bezittelijk voornaamwoord: Onze leeftijdsamenstelling
Wat rijmt er op leeftijdsamenstelling
Oefening van de dag



