De of het marktfalen?
Het marktfalen
Is het de of het marktfalen
In de Nederlandse taal gebruiken wij het marktfalen.
Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: market failure
Deutsch: Marktversagen | Bekijk of het der of die Marktversagen is.
Français: défaillance du marché | Bekijk of het Le o La défaillance du marché is.
Jou of jouw: jouw marktfalen
Buigings-e:
Mooi of mooie marktfalen
Groot of grote marktfalen
Half of halve marktfalen
Grappig of grappige marktfalen
Leeg of lege marktfalen
leuk of leuke marktfalen
Vet of vette marktfalen
Snel of snelle marktfalen
Wit of witte marktfalen
Klein of kleine marktfalen
Rood of rode marktfalen
Dik of dikke marktfalen
Oud of oude marktfalen
Goed of goede marktfalen
Wat rijmt er op marktfalen
Elk of elke: Elk marktfalen
Aanwijzend voornaamwoord: Dat marktfalen
Bezittelijk voornaamwoord: Ons marktfalen
Wat rijmt er op marktfalen
Buigings-e:
Mooi of mooie marktfalen
Groot of grote marktfalen
Half of halve marktfalen
Grappig of grappige marktfalen
Leeg of lege marktfalen
leuk of leuke marktfalen
Vet of vette marktfalen
Snel of snelle marktfalen
Wit of witte marktfalen
Klein of kleine marktfalen
Rood of rode marktfalen
Dik of dikke marktfalen
Oud of oude marktfalen
Goed of goede marktfalen
Wat rijmt er op marktfalen
Elk of elke: Elk marktfalen
Aanwijzend voornaamwoord: Dat marktfalen
Bezittelijk voornaamwoord: Ons marktfalen
Wat rijmt er op marktfalen
Oefening van de dag



