De of het nasaleren?
Het nasaleren
Is het de of het nasaleren
In de Nederlandse taal gebruiken wij het nasaleren.
Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: nasa learning
Deutsch: nasa lernen | Bekijk of het der of die nasa lernen is.
Français: nasa apprendre | Bekijk of het Le o La nasa apprendre is.
Jou of jouw: jouw nasaleren
Buigings-e:
Mooi of mooie nasaleren
Groot of grote nasaleren
Half of halve nasaleren
Grappig of grappige nasaleren
Leeg of lege nasaleren
leuk of leuke nasaleren
Vet of vette nasaleren
Snel of snelle nasaleren
Wit of witte nasaleren
Klein of kleine nasaleren
Rood of rode nasaleren
Dik of dikke nasaleren
Oud of oude nasaleren
Goed of goede nasaleren
Wat rijmt er op nasaleren
Elk of elke: Elk nasaleren
Aanwijzend voornaamwoord: Dat nasaleren
Bezittelijk voornaamwoord: Ons nasaleren
Wat rijmt er op nasaleren
Buigings-e:
Mooi of mooie nasaleren
Groot of grote nasaleren
Half of halve nasaleren
Grappig of grappige nasaleren
Leeg of lege nasaleren
leuk of leuke nasaleren
Vet of vette nasaleren
Snel of snelle nasaleren
Wit of witte nasaleren
Klein of kleine nasaleren
Rood of rode nasaleren
Dik of dikke nasaleren
Oud of oude nasaleren
Goed of goede nasaleren
Wat rijmt er op nasaleren
Elk of elke: Elk nasaleren
Aanwijzend voornaamwoord: Dat nasaleren
Bezittelijk voornaamwoord: Ons nasaleren
Wat rijmt er op nasaleren
Oefening van de dag



