De of het netwerksamenleving?
De netwerksamenleving
Is het de of het netwerksamenleving
In de Nederlandse taal gebruiken wij de netwerksamenleving.
Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: network society
Deutsch: Netzwerkgesellschaft | Bekijk of het der of die Netzwerkgesellschaft is.
Français: société en réseau | Bekijk of het Le o La société en réseau is.
Jou of jouw: jouw netwerksamenleving
Buigings-e:
Mooi of mooie netwerksamenleving
Groot of grote netwerksamenleving
Half of halve netwerksamenleving
Grappig of grappige netwerksamenleving
Leeg of lege netwerksamenleving
leuk of leuke netwerksamenleving
Vet of vette netwerksamenleving
Snel of snelle netwerksamenleving
Wit of witte netwerksamenleving
Klein of kleine netwerksamenleving
Rood of rode netwerksamenleving
Dik of dikke netwerksamenleving
Oud of oude netwerksamenleving
Goed of goede netwerksamenleving
Wat rijmt er op netwerksamenleving
Elk of elke: Elke netwerksamenleving
Aanwijzend voornaamwoord: Die netwerksamenleving
Bezittelijk voornaamwoord: Onze netwerksamenleving
Wat rijmt er op netwerksamenleving
Buigings-e:
Mooi of mooie netwerksamenleving
Groot of grote netwerksamenleving
Half of halve netwerksamenleving
Grappig of grappige netwerksamenleving
Leeg of lege netwerksamenleving
leuk of leuke netwerksamenleving
Vet of vette netwerksamenleving
Snel of snelle netwerksamenleving
Wit of witte netwerksamenleving
Klein of kleine netwerksamenleving
Rood of rode netwerksamenleving
Dik of dikke netwerksamenleving
Oud of oude netwerksamenleving
Goed of goede netwerksamenleving
Wat rijmt er op netwerksamenleving
Elk of elke: Elke netwerksamenleving
Aanwijzend voornaamwoord: Die netwerksamenleving
Bezittelijk voornaamwoord: Onze netwerksamenleving
Wat rijmt er op netwerksamenleving
Oefening van de dag



