De of het ontgroenen?
Het ontgroenen
Is het de of het ontgroenen
In de Nederlandse taal gebruiken wij het ontgroenen.
Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: degreen
Deutsch: entgrünen | Bekijk of het der of die entgrünen is.
Français: déverdir | Bekijk of het Le o La déverdir is.
Jou of jouw: jouw ontgroenen
Buigings-e:
Mooi of mooie ontgroenen
Groot of grote ontgroenen
Half of halve ontgroenen
Grappig of grappige ontgroenen
Leeg of lege ontgroenen
leuk of leuke ontgroenen
Vet of vette ontgroenen
Snel of snelle ontgroenen
Wit of witte ontgroenen
Klein of kleine ontgroenen
Rood of rode ontgroenen
Dik of dikke ontgroenen
Oud of oude ontgroenen
Goed of goede ontgroenen
Wat rijmt er op ontgroenen
Elk of elke: Elk ontgroenen
Aanwijzend voornaamwoord: Dat ontgroenen
Bezittelijk voornaamwoord: Ons ontgroenen
Wat rijmt er op ontgroenen
Buigings-e:
Mooi of mooie ontgroenen
Groot of grote ontgroenen
Half of halve ontgroenen
Grappig of grappige ontgroenen
Leeg of lege ontgroenen
leuk of leuke ontgroenen
Vet of vette ontgroenen
Snel of snelle ontgroenen
Wit of witte ontgroenen
Klein of kleine ontgroenen
Rood of rode ontgroenen
Dik of dikke ontgroenen
Oud of oude ontgroenen
Goed of goede ontgroenen
Wat rijmt er op ontgroenen
Elk of elke: Elk ontgroenen
Aanwijzend voornaamwoord: Dat ontgroenen
Bezittelijk voornaamwoord: Ons ontgroenen
Wat rijmt er op ontgroenen
Oefening van de dag



