De of het reisabonnement?
Het reisabonnement
Is het de of het reisabonnement
In de Nederlandse taal gebruiken wij het reisabonnement.
Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: travel plan
Jou of jouw: jouw reisabonnement
Buigings-e:
Mooi of mooie reisabonnement
Groot of grote reisabonnement
Half of halve reisabonnement
Grappig of grappige reisabonnement
Leeg of lege reisabonnement
leuk of leuke reisabonnement
Vet of vette reisabonnement
Snel of snelle reisabonnement
Wit of witte reisabonnement
Klein of kleine reisabonnement
Rood of rode reisabonnement
Dik of dikke reisabonnement
Oud of oude reisabonnement
Goed of goede reisabonnement
Wat rijmt er op reisabonnement
Elk of elke: Elk reisabonnement
Aanwijzend voornaamwoord: Dat reisabonnement
Bezittelijk voornaamwoord: Ons reisabonnement
Wat rijmt er op reisabonnement
Buigings-e:
Mooi of mooie reisabonnement
Groot of grote reisabonnement
Half of halve reisabonnement
Grappig of grappige reisabonnement
Leeg of lege reisabonnement
leuk of leuke reisabonnement
Vet of vette reisabonnement
Snel of snelle reisabonnement
Wit of witte reisabonnement
Klein of kleine reisabonnement
Rood of rode reisabonnement
Dik of dikke reisabonnement
Oud of oude reisabonnement
Goed of goede reisabonnement
Wat rijmt er op reisabonnement
Elk of elke: Elk reisabonnement
Aanwijzend voornaamwoord: Dat reisabonnement
Bezittelijk voornaamwoord: Ons reisabonnement
Wat rijmt er op reisabonnement
Oefening van de dag



