De of het visumverlening?
De visumverlening
Is het de of het visumverlening
In de Nederlandse taal gebruiken wij de visumverlening.
Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: visas
Deutsch: Visa | Bekijk of het der of die Visa is.
Français: visas | Bekijk of het Le o La visas is.
Jou of jouw: jouw visumverlening
Buigings-e:
Mooi of mooie visumverlening
Groot of grote visumverlening
Half of halve visumverlening
Grappig of grappige visumverlening
Leeg of lege visumverlening
leuk of leuke visumverlening
Vet of vette visumverlening
Snel of snelle visumverlening
Wit of witte visumverlening
Klein of kleine visumverlening
Rood of rode visumverlening
Dik of dikke visumverlening
Oud of oude visumverlening
Goed of goede visumverlening
Wat rijmt er op visumverlening
Elk of elke: Elke visumverlening
Aanwijzend voornaamwoord: Die visumverlening
Bezittelijk voornaamwoord: Onze visumverlening
Wat rijmt er op visumverlening
Buigings-e:
Mooi of mooie visumverlening
Groot of grote visumverlening
Half of halve visumverlening
Grappig of grappige visumverlening
Leeg of lege visumverlening
leuk of leuke visumverlening
Vet of vette visumverlening
Snel of snelle visumverlening
Wit of witte visumverlening
Klein of kleine visumverlening
Rood of rode visumverlening
Dik of dikke visumverlening
Oud of oude visumverlening
Goed of goede visumverlening
Wat rijmt er op visumverlening
Elk of elke: Elke visumverlening
Aanwijzend voornaamwoord: Die visumverlening
Bezittelijk voornaamwoord: Onze visumverlening
Wat rijmt er op visumverlening
Oefening van de dag



