De of het zelfvoldoening?
De zelfvoldoening
Is het de of het zelfvoldoening
In de Nederlandse taal gebruiken wij de zelfvoldoening.
Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: self-satisfaction
Deutsch: Selbstzufriedenheit | Bekijk of het der of die Selbstzufriedenheit is.
Français: fatuité | Bekijk of het Le o La fatuité is.
Jou of jouw: jouw zelfvoldoening
Buigings-e:
Mooi of mooie zelfvoldoening
Groot of grote zelfvoldoening
Half of halve zelfvoldoening
Grappig of grappige zelfvoldoening
Leeg of lege zelfvoldoening
leuk of leuke zelfvoldoening
Vet of vette zelfvoldoening
Snel of snelle zelfvoldoening
Wit of witte zelfvoldoening
Klein of kleine zelfvoldoening
Rood of rode zelfvoldoening
Dik of dikke zelfvoldoening
Oud of oude zelfvoldoening
Goed of goede zelfvoldoening
Wat rijmt er op zelfvoldoening
Elk of elke: Elke zelfvoldoening
Aanwijzend voornaamwoord: Die zelfvoldoening
Bezittelijk voornaamwoord: Onze zelfvoldoening
Wat rijmt er op zelfvoldoening
Buigings-e:
Mooi of mooie zelfvoldoening
Groot of grote zelfvoldoening
Half of halve zelfvoldoening
Grappig of grappige zelfvoldoening
Leeg of lege zelfvoldoening
leuk of leuke zelfvoldoening
Vet of vette zelfvoldoening
Snel of snelle zelfvoldoening
Wit of witte zelfvoldoening
Klein of kleine zelfvoldoening
Rood of rode zelfvoldoening
Dik of dikke zelfvoldoening
Oud of oude zelfvoldoening
Goed of goede zelfvoldoening
Wat rijmt er op zelfvoldoening
Elk of elke: Elke zelfvoldoening
Aanwijzend voornaamwoord: Die zelfvoldoening
Bezittelijk voornaamwoord: Onze zelfvoldoening
Wat rijmt er op zelfvoldoening
Oefening van de dag



