De of het goden?
Het goden
Is het de of het goden
In de Nederlandse taal gebruiken wij het goden.
Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: Gods
Deutsch: Gods | Bekijk of het der of die Gods is.
Français: Dieux | Bekijk of het Le o La Dieux is.
Jou of jouw: jouw goden
Buigings-e:
Mooi of mooie goden
Groot of grote goden
Half of halve goden
Grappig of grappige goden
Leeg of lege goden
leuk of leuke goden
Vet of vette goden
Snel of snelle goden
Wit of witte goden
Klein of kleine goden
Rood of rode goden
Dik of dikke goden
Oud of oude goden
Goed of goede goden
Wat rijmt er op goden
Elk of elke: Elk goden
Aanwijzend voornaamwoord: Dat goden
Bezittelijk voornaamwoord: Ons goden
Wat rijmt er op goden
verafgoden - huisgoden - vergoden -
Buigings-e:
Mooi of mooie goden
Groot of grote goden
Half of halve goden
Grappig of grappige goden
Leeg of lege goden
leuk of leuke goden
Vet of vette goden
Snel of snelle goden
Wit of witte goden
Klein of kleine goden
Rood of rode goden
Dik of dikke goden
Oud of oude goden
Goed of goede goden
Wat rijmt er op goden
Elk of elke: Elk goden
Aanwijzend voornaamwoord: Dat goden
Bezittelijk voornaamwoord: Ons goden
Wat rijmt er op goden
verafgoden - huisgoden - vergoden -
Oefening van de dag



